Niet alleen wordt de samenleving gevarieerder van samenstelling, maar pluriformiteit wordt ook bevorderd door de globalisering van informatie.

5. Wereldwijde beweging

In het verleden bezaten bestuurlijke en culturele elites het monopolie op de informatievoorziening, waardoor het relatief gemakkelijk was één bepaald collectief verhaal te promoten. Maar dankzij internet en sociale media hebben mensen in deze tijd een schier eindeloze hoeveelheid bronnen tot hun beschikking. Sommige zijn betrouwbaar, andere niet. Gebruikers van sociale media staan in contact met mensen over de hele wereld, wisselen informatie en opinies uit over lokale of nationale kwesties en gaan erover in debat. Zo wordt de Zwarte Piet-discussie met grote belangstelling gevolgd en mede gevoerd door personen vanuit andere landen. Dankzij sociale media kan een klein burgerinitiatief in korte tijd uitgroeien tot een grote beweging, die zich bovendien weinig aantrekt van geografische grenzen.

Image
Dekolonisatie van de universiteit. Studenten in Kaapstad vieren dat het beeld van Cecil John Rhodes wordt verwijderd, 9 april 2015 (Foto: AFP Photo/Rodger Bosch)

Een goed voorbeeld is de Rhodes Must Fall-beweging. In 2015 betoogden studenten van de Universiteit van Kaapstad tegen de aanwezigheid van een standbeeld van de witte politicus en mijnmagnaat Cecil John Rhodes (1853-1902) op de campus. Het protest sloeg van Kaapstad over naar de universiteit van Oxford, waar zich eveneens een standbeeld van Rhodes bevindt. Wat begon als een Zuid-Afrikaanse aangelegenheid leidde binnen de kortste keren ook in Groot-Brittannië tot een bij vlagen fel gevoerd debat op de universiteit en in de landelijke media.

Image
Wereldwijd. Studenten in Oxford nemen de Zuid-Afrikaanse Rhodes Must Fall-beweging over, 9 maart 2016 (Foto: PA Photos Ltd/ Steve Parsons)
Wereldwijd. Studenten in Oxford nemen de Zuid-Afrikaanse Rhodes Must Fall-beweging over, 9 maart 2016 (Foto: PA Photos Ltd/ Steve Parsons)

In de Verenigde Staten is eveneens een aanzienlijke beweging opgekomen van studenten, merendeels met niet-Europese voorouders, die onder meer roepen om het verwijderen van kwetsend koloniaal erfgoed van universiteitsterreinen. In februari 2017 besloot Yale University om een van haar kosthuizen niet langer te vernoemen naar oud-vicepresident van de Verenigde Staten John C. Calhoen (1782-1850). Studenten hadden tegen de vernoeming geprotesteerd omdat Calhoen de slavernij verdedigde. Soortgelijke protesten tegen koloniale namen en symbolen op campussen vinden ook aan andere Amerikaanse universiteiten plaats. Dat de protesten zich tegelijkertijd op drie verschillende continenten voordoen, is geen toeval, maar wijst op een sterke interactie tussen de actievoerders. Het betekent ook dat protesten en debatten gemakkelijk kunnen overslaan naar andere landen, waaronder Nederland.