Onderwijs: moedwillig doelwit in gewapende conflicten

Medio maart verscheen het rapport Education under Attack 2014, een wereldwijde inventarisatie van aanvallen op en agressie tegen scholen, leerlingen, studenten en docenten in conflictgebieden. In dertig landen stelden de onderzoekers een structureel patroon vast van gericht geweld tegen het onderwijs. In veertig andere landen kwamen incidentele gevallen voor.

Het rapport, dat op initiatief van UNESCO in 2007 voor het eerst werd opgesteld, is nu ondergebracht bij de Global Coalition to Protect Education from Attack, een consortium van onder meer UNESCO, UNICEF, UNHCR, Save the Children en Human Rights Watch. Tijdens een gezamenlijk symposium van de Universiteit van Amsterdam en het ministerie van Buitenlandse Zaken lichtte Mario Novelli, verbonden aan de Universiteit van Sussex en een van de auteurs, het rapport toe.

Het rapport 'Education under Attack, 2014'.

Demoraliserend

Dat scholen en universiteiten opzettelijk doelwit zijn van agressie of blootstaan aan oorlogsgeweld tijdens gewapende conflicten, wordt pas sinds de eerste versie van het rapport, expliciet in beeld gebracht. Ook het Global Monitoring Report 2011 (The Hidden Crisis – Armed Conflict and Education) belichtte het thema. Het structureel aan de kaak stellen van deze agressie is een van de doelstellingen van de rapporten van het consortium. ‘Onderwijs kiezen als doelwit werkt sterk demoraliserend, omdat het gaat om het moedwillig vernielen van de toekomst van een land’, aldus Novelli. ‘En het is een politiek zeer gevoelig onderwerp, omdat overheden er vaak bij betrokken zijn.’ Wat zijn de motieven en achtergronden van dit geweld en wat kunnen we ertegen doen? Op die vragen gaat het thematische deel van het rapport uitvoerig in.

Angst en haat

De achtergronden zijn veelvormig: geweld tegen etnische minderheden, tegen onderwijs aan meisjes, het tegengaan van politieke protesten, het bestrijden van oppositiebewegingen. Het ronselen van kindsoldaten, het gebruik van scholen als militaire bases om aanvallen te voorkomen of juist uit te lokken. De langetermijnconsequenties van dit aspect van gewapende conflicten en oorlogen zijn in alle gevallen enorm. Grote aantallen kinderen blijven jarenlang verstoken van onderwijs – een achterstand die nauwelijks meer in te halen is. Niet alleen voor de individuele jongeren, maar ook voor een samenleving. De toekomstige leiders van een land worden geëlimineerd. Mensen durven geen docent meer te worden. Het onderwijs wordt vergiftigd met gevoelens van angst en haat die de kiem van toekomstige conflicten al in zich dragen

Herstel en preventie

Werken aan herstel van onderwijs en onderwijsstructuren zou daarom – veel meer dan nu het geval is – al vanaf het begin van internationale ondersteuning bij of na gewapende conflicten onderdeel moeten zijn van een programma gericht op herstel, stabilisering van de samenleving en preventie van nieuwe conflicten. Het gaat daarbij niet alleen over fysieke infrastructuur, maar ook over curricula, en over de bekwaamheid van docenten om onderwijs te geven dat gericht is op het voorkomen van nieuwe conflicten, op inzicht in mensenrechten, op geschiedenisonderwijs vanuit verschillende perspectieven. Het Intersectorale (Post-)Crisis Platform van UNESCO maakt hiervan een speerpunt in het meerjarenprogramma 2014-2017. Nauwe samenwerking met de vele partners verenigd in de Global Coalition to Protect Education from Attack lijkt hard nodig om deze doelstelling ook werkelijk te kunnen realiseren.

 

 

In september 2015 spraken de lidstaten van de VN af om samen te werken in het bereiken van de Sustainable Development Goals (SDG's). Doel vier daarvan luidt "to ensure inclusive and equitable quality education and promote lifelong learning opportunities for all"
UNESCO is de uitvoerder van dit onderwerp, publiceerde het Framework for Action, en publiceert de resultaten in het jaarlijkse Global Education Monitoring Report. 

De Nationale UNESCO Commissie organiseert de jaarlijkse Nederlandse lancering van het Global Education Monitoring Report en volgt de ontwikkelingen rond SDG4 op de voet.  

More articles