Overslaan en naar de inhoud gaan

Perspectieven op Persvrijheid

Tobya Monté 7 januari 2025

De Unesco Jongerencommissie introduceert een artikelenreeks genaamd Perspectieven op Persvrijheid, waarin regelmatig een nieuw stuk verschijnt. Elk artikel richt zich op een specifiek thema en kan verschillende vormen aannemen, zoals een interview, opiniestuk of reportage.

Een uitstapje naar (ethisch) taalgebruik

In dit artikel maken we een uitstapje naar de ethiek achter taalgebruik, en hoe taalgebruik invloed heeft op persvrijheid. Twee redenen om op je eigen taalgebruik, of dat van een ander, te letten zijn de werking van het brein, en taal in de media.

“Je kan beter het woord ‘Inuit’ gebruiken in plaats van Eskimo.”

“Maar ik bedoel het toch niet kwetsend?”

Uiteraard hoeven opmerkingen niet kwetsend bedoeld te zijn, maar het gebruik van bepaalde woorden, zinnen of uitspraken kan een ander pijn doen. Taal is nooit neutraal. Je ziet de wereld altijd door een ‘taalbril’ en je beschrijft die wereld met een specifieke taal. Taal vormt zelfs letterlijk de bril waarmee je de wereld bekijkt, want verschillende talen hebben verschillende woorden voor je zintuigen. Zo hebben het Engels en het Nederlands vooral werkwoorden om vijf zintuigen te omschrijven, maar werkt de Cashinahua in Pera met zes zintuigen: ogen, oren, huid, handen, genitaliën, en de lever! 

Taal in het brein

Neurowetenschapper aan de Universiteit van Utrecht Marijn Struiksma heeft aangetoond dat negatieve uitspraken ongeveer twee keer zo snel binnenkomen als positieve uitspraken. Als je een negatieve uitspraak hoort, denkt je brein dat je in gevaar bent. Daardoor gaat het stofjes aanmaken die je negatieve emoties bezorgen. Welke woorden en welk taalgebruik kwetsend zijn, verschilt natuurlijk wel per persoon. 

Stel je voor dat tijgers jouw favoriete dieren zijn en je dus blij wordt van het woord, maar dat de persoon tegenover jou doodsbang is voor tijgers. Het is dan moeilijk om elkaar daarin te begrijpen. Als iemand aangeeft dat diegene zich niet goed voelt bij een bepaald woord, kun je je proberen aan te passen uit empathie, omdat negativiteit harder binnenkomt dan positiviteit. Dit fenomeen wordt ook wel negativity bias genoemd. 

Taal in de media

In een volgend artikel in deze reeks schrijven we over de sensationele taal die vaak gebruikt wordt door mediabedrijven op sociale media om aan lezers te komen. Vaak snap je pas echt waar een post over gaat als je het hele artikel leest waar de post over gaat. Dan komt er ook nog bij dat je soms een betaald abonnement moet hebben om bepaalde artikelen te lezen. 

Het spannende, eenzijdige taalgebruik kan je mening een bepaalde kant opsturen. Vooral als je in een zogenoemde echo chamber terechtkomt waarbij het algoritme van bijvoorbeeld je Insta feed of TikTok For You Page zich zodanig aanpassen dat je vooral nieuws van één kant binnenkrijgt. Hier wordt ingespeeld op onze negativity bias: omdat negatieve berichten ons harder raken, is er meer kans dat we ze lezen en delen.

Connectie taalgebruik en persvrijheid

Hoe zit de connectie tussen taalgebruik en persvrijheid precies? Ten eerste zegt de grondwet dat je vrijheid van meningsuiting en persvrijheid hebt, maar dat je bijvoorbeeld niet mag discrimineren of aan mag zetten tot haat. Dat betekent dat je geen haatzaaiende taal mag gebruiken. Ten tweede kan de persvrijheid in de wet staan, maar in de maatschappij toch in gevaar komen. Dit gebeurt bijvoorbeeld als de veiligheid van journalisten afneemt door haatzaaiing op sociale media en bedreigingen bij meningsverschillen. 

Wanneer je dus een tekst schrijft of een video maakt die gelezen of gezien zal worden door anderen - bijvoorbeeld een artikel in de schoolkrant, of een post op sociale media - let een beetje op je woorden. Dit is een lastig leerproces en fouten maken mag! Als je twijfelt over onderliggende betekenissen kun je het zekere voor het onzekere nemen door even kort onderzoek te doen. Een zoekopdracht als “Is [woord] problematisch?” vertelt je vaak al genoeg. Enkele minuten werk voor jou, maar als iedereen het doet, kan het van grote invloed zijn.

Negatieve emoties

Dan nog een korte uitleg waarom het woord ”Eskimo” beter niet gebruikt wordt. Inuit noemen zichzelf geen “Eskimo’s”, de term is bedacht door kolonisten en roept daarom negatieve emoties op. Het kost een klein beetje moeite om je aan te passen, en iemand anders kan er blij mee zijn!