UNESCO verhoogt beschermingsstatus van Libanees erfgoed
Op 1 april heeft UNESCO vanwege de voortdurende escalatie van het geweld in het Midden-Oosten een spoedvergadering bijeengeroepen om cultureel erfgoed in de regio noodbescherming te bieden. De buitengewone zitting vond plaats op verzoek van Libanon.
Noodprocedure voor Libanees erfgoed
Tijdens de zitting werd de inschrijving van 39 Libanese erfgoedsites besproken onder het Tweede Protocol van de Haagse Conventie van 1954, het internationale verdrag dat cultureel erfgoed beschermt tijdens gewapende conflicten. Via een versnelde noodprocedure kunnen staten bij een uitbrekend conflict om zogeheten enhanced protection verzoeken, waarbij de gebruikelijk langdurige aanvraagprocedure wordt versneld.
De toets is streng: een site moet van 'het grootste belang voor de mensheid' zijn én aantoonbaar geen militaire functie hebben. In november 2024 werden via dezelfde procedure al 34 Libanese sites ingeschreven. De 39 nieuwe nominaties zijn vandaag aangenomen.
De Libanese delegatie benadrukte hoe hoog de inzet is. Het erfgoed van Libanon, land van vele beschavingen en culturen, behoort niet alleen aan Libanon zelf, maar aan de gehele mensheid. Dat eerder ingeschreven sites tot dusver grotendeels ongeschonden zijn gebleven, toont aan dat de beschermingsstatus effect heeft, ook al is de dreiging groot. Zo vond er onlangs een aanslag plaats vlak naast de antieke stad Tyrus, werelderfgoed sinds 1984.
“Erfgoed is de taal waarin de mensheid haar geschiedenis vertelt, over ontmoetingen tussen culturen, over wat ons verbindt dwars door grenzen heen. Wie dat het zwijgen oplegt, verarmt niet één volk, maar ons allemaal. Ook in Nederland geldt: wat niet beschermd wordt, gaat verloren en met het verlies van ons erfgoed verliezen wij een deel van onszelf.”
Vera Carasso
− Lid Nederlandse UNESCO Commissie −
Iran: werelderfgoed onder vuur
Ook in Iran staat cultureel erfgoed zwaar onder druk. Sinds het uitbreken van de oorlog zijn volgens het Iraanse ministerie van Cultureel Erfgoed meer dan 120 historische locaties beschadigd. UNESCO reageerde snel: nadat het beroemde Golestan-paleis in Teheran werd geraakt (werelderfgoed sinds 2013), waarschuwde de organisatie direct voor de gevaren voor de 29 andere Iraanse werelderfgoedlocaties en deelde de geografische coördinaten van beschermde sites met alle betrokken partijen.
Schatkamers
In Isfahan, een van de belangrijkste schatkamers van Iraanse kunst en architectuur, zijn meerdere monumenten beschadigd. Het 17e-eeuwse Chehel Sotoun-paleis (Paleis van de Veertig Zuilen), onderdeel van de UNESCO-werelderfgoedinschrijving De Perzische Tuin, liep schade op toen een aanval het naastgelegen provinciegebouw trof. Beelden in onder meer het artikel van 27 maart in NRC tonen verspreid puin, gebroken ramen en beschadigde houten deuren. Het paleis is wereldberoemd om zijn uitzonderlijke fresco's met historische taferelen uit de Safavidische periode.
Nu de aanvallen heviger worden, plaatsen autoriteiten in hoog tempo het Blauwe Schild-embleem op historische monumenten en musea, het beschermingssymbool dat onder de Haagse Conventie van 1954 erkend is en aanvallers oproept deze locaties te ontzien.
Actiedag Weerbaar Erfgoed
Ook in Nederland zet UNESCO zich in voor weerbaar erfgoed. De Nederlandse UNESCO Commissie organiseert samen met Blue Shield Nederland en Cultural Emergency Response de Actiedag Weerbaar Erfgoed, die plaatsvindt in de week van 14 mei 2026. Via workshops, webinars en oefeningen door heel Nederland werkt de erfgoedsector aan concrete voorbereiding, van crisisorganisatie en cyberveiligheid tot het redden van papieren collecties. De datum is symbolisch gekozen: op 14 mei 1954 werd in Den Haag het UNESCO Haags Verdrag ondertekend, hetzelfde verdrag waaronder Libanese en Iraanse sites vandaag noodbescherming ontvangen. Erfgoed bescherm je niet op het moment dat de dreiging er al is, maar door jarenlange voorbereiding, ver voordat het te laat is.