Nieuws
Een man kijkt in een microscoop. (Foto: Lucas Vasques | Unsplash.com)
Nieuws
Over deze foto
Open science is voor Unesco een instrument om de wereldwijde kloof in kennis te dichten.

Unesco's Uitvoerende Raad besluit tot Aanbeveling over Open Science

Unesco's Uitvoerende Raad besluit tot Aanbeveling over Open Science

Unesco's Uitvoerende Raad besluit tot Aanbeveling over Open Science

De Uitvoerende Raad van Unesco, het dagelijks bestuur van de organisatie, heeft recent besloten dat er een Unesco-Aanbeveling over open science moet komen.

Open science is het beoefenen van wetenschap op een open manier: zodat anderen er kennis van kunnen nemen, eraan kunnen bijdragen en er gebruik van kunnen maken. Open science is voor Unesco een instrument om de wereldwijde kloof in kennis te dichten; de Universele verklaring van de rechten van de mens stelt immers in artikel 27: “Een ieder heeft het recht (…) om deel te hebben aan wetenschappelijke vooruitgang en de vruchten daarvan”.

Side event

Tijdens de Uitvoerende Raad organiseerden Nederland en Portugal samen een side event over dit onderwerp. Karel Luyben, voormalig Rector-Magnificus van de Technische Universiteit Delft en Nationaal Coördinator presenteerde er het Nederlandse Nationale Plan Open science

António Nóvoa, ambassadeur van Portugal, beargumenteerde waarom Unesco een Aanbeveling Open science zou moeten opstellen: vanwege het mensenrechtenperspectief en de ‘normatieve kracht’ van de organisatie en de bijzondere traditie van dialoog die Unesco kenmerkt.

Unesco als platform voor discussie Open science

Wetenschapsfinanciers en overheden in westerse landen streven naar grotere toegang tot wetenschappelijke publicaties via het vorig jaar gelanceerde ‘Plan S’. Dit plan gaat uit van het ‘gouden’ open access model: de kosten voor een wetenschappelijke publicatie worden daarin gedragen door de instelling waaraan de auteur verbonden is of de organisatie die het onderzoek gefinancierd heeft.

De consumptie van wetenschappelijke kennis wordt daarmee gedemocratiseerd, maar dit model kan voor onderzoekers uit minder welvarende landen ongunstig uitvallen als het gaat om publicaties. De westerse visie op Open science kan verrijkt worden door de confrontatie met alternatieve modellen, zoals die met name in Zuid-Amerika ontwikkeld worden. Buiten Europa en Noord-Amerika is er ook meer gevoel voor het belang van taaldiversiteit binnen de wetenschap.

Aanbeveling

Het werk aan een Unesco-Aanbeveling kan die wereldwijde discussie over Open science – waar trouwens ook het Nederlandse plan voor pleit – verder op gang brengen. Of een aanbeveling over dit onderwerp nodig is, is de vraag; Unesco heeft in 2017 een Aanbeveling over wetenschap en de status van de wetenschapper aangenomen waarin ook het belang van Open science wordt benadrukt. Over die vraag kunnen Nederland en de 192 andere lidstaten zich buigen tijdens de 40ste Algemene Conferentie van Unesco in november.