Opinie
De Notre-Dame in Parijs staat in brand (15 april 2019).
Opinie
Over deze foto
De Notre-Dame in Parijs staat in brand (15 april 2019).

Eerst ontreddering, nu bereddering

Eerst ontreddering, nu bereddering

Eerst ontreddering, nu bereddering

Naar aanleiding van de grote brand in de Notre-Dame in Parijs roept Koosje Spitz op tot meer erkenning van de kwetsbaarheid van erfgoed. Nederlands erfgoed loopt grote risico’s, want veiligheid is geen prioriteit in het erfgoedbeleid in Nederland.

Parijs huilt, wereldwijde ontreddering, een groot verlies voor de stad, voor katholieken wereldwijd, voor Frankrijk als erfgoedland, voor de mensheid. 850 jaar geschiedenis zagen we voor onze neus in vlammen opgaan. Althans zo voelde het. Overal in het nieuws zag je de beelden van het vuur dat uit het dak sloeg. De kranten kopten: ‘De ziel van Frankrijk brandt’.

Getuige

De berichtgeving toont aan dat erfgoed meer is dan een stapel stenen en mooie glas-in-lood-ramen. Ze is de stille getuige van het verleden. Als muren konden praten, wat zou deze dame te vertellen hebben? Ze weerstond de tand des tijds, zag oorlogen, politieke omwentelingen en oneindig veel mensen langs haar heen gaan. Erfgoed is onlosmakelijk verbonden met wie we zijn, waar we vandaan komen. Het verbindt, of is juist een bron voor conflict.

De waarde van erfgoed is veelzijdig. Van de monetaire waarde van de artefacten en schilderijen, tot de religieuze waarde als plek van bezinning. De Notre-Dame maakt deel uit van ons collectieve geheugen en trok bezoekers uit heel de wereld. De Unesco-werelderfgoedstatus onderstreepte deze uitzonderlijkheid en universaliteit. Het was een bron van inspiratie voor grote kunstenaars en schrijvers. Het was, want erfgoed is kwetsbaar.

In vlammen opgaan

In Nederland gaat bijna wekelijks een monument in vlammen op. Om in de woorden van De Dijk te spreken ‘als ze er niet is, … als ze er niet is, … weet een man pas wat hij mist’. Dat geldt ook voor erfgoed. Veiligheidszorg is kostbaar en niet spannend. Het nemen van preventieve maatregelen voor gebouwd erfgoed, maar ook voor collecties is geen vanzelfsprekendheid. Het gebrek aan centrale coördinatie en administratie van de blauwwitte schildjes, ter bescherming van monumenten in oorlogstijd, is hier een pijnlijk gegeven van.

De verantwoordelijkheid voor het waarborgen van gebouwen en collecties ligt vrijwel volledig bij de beheerders. Een verwachting vanuit het Rijk en gemeenten die mijns inziens niet realistisch is. Financiële middelen en mankracht zijn daarvoor veel te beperkt.

‘Nederlandse culturele instellingen kunnen onvoldoende aansluiting vinden op de huidige crisisstructuren’
– Koosje Spitz –

Veiligheidssector

In augustus organiseerde de Nederlandse Unesco Commissie een overleg tussen vertegenwoordigers van de cultuursector en de veiligheidssector. Aanleiding was de internationale training First Aid to Cultural Heritage in Times of Crisis, waarin erfgoedprofessionals uit heel de wereld alles leren over het redden van erfgoed in crisissituaties. De training bood een goede gelegenheid om te onderzoeken hoe we dit in Nederland geregeld hebben.

De uitkomsten waren zorgelijk. Culturele instellingen kunnen onvoldoende aansluiting vinden op de huidige crisisstructuren. De samenwerking met de brandweer en veiligheidsregio’s is van groot belang om in het geval van een brand, waterschade of erger, de schade te minimaliseren. In veel gevallen weten de hulpdiensten niet goed wat een gebouw bijzonder maakt of wat zich voor waarde achter de gevel bevindt. Het gros van de calamiteiten vindt ’s avonds plaats, wanneer personeel vaak weg is en de eerste beslissingen genomen moeten worden door de hulpdiensten. Direct handelen na een calamiteit of ramp is essentieel om schade aan objecten te minimaliseren. Beredderen, zoals dat zo mooi heet, is een vak op zich. Er moet geld worden geïnvesteerd in trainingen van teams die bij calamiteiten inzetbaar zijn om de bereddering ter hand te kunnen nemen. Ook hier geldt voorkomen is beter dan genezen. Er moet geïnvesteerd worden in een betere veiligheidszorg bij erfgoedbeheerders. Het Rijk en gemeenten moeten hen hierin tegemoet komen.

Geen vitaal belang

Erfgoed is op Rijksniveau geen vitaal belang. Het gebrek aan erkenning voor de maatschappelijke betekenis en de kwetsbaarheid ervan, is een groot gemis. Op regionaal niveau komt het wel in de risicoprofielen terug, maar beleid erop formuleren is geen verplichting.

Uiteraard, mensenlevens gaan voor. Maar zeggen dat cultureel erfgoed geen vitaal belang is, is te kort door de bocht. Frankrijk huilt, de wereld is geschokt. De ziel is geraakt. Het was en het is. Want dat is ook de kracht van erfgoed. Het is een symbool van continuïteit en veerkracht. Terwijl de resten nog smeulen, praat men al over restauratie. Een nieuwe laag geschiedenis wordt aan de Notre-Dame toegevoegd. Eerst de ontreddering, nu de bereddering. Laten we leren van de Notre-Dame, en eerlijk zijn over de kwetsbaarheid van erfgoed. Ook in Nederland.