Een kritische blik op de inclusiviteit van open onderwijsvormen

GASTCOLUMN – Robert Schuwer, Unesco-leerstoelhouder aan Fontys Hogescholen, waarschuwt dat open vormen van onderwijs, zoals Open Educational Resources en Massive Open Online Courses, te veel gericht zijn op het hoger onderwijs en zo de kloof tussen de ‘haves’ en ‘have-nots’ vergroten in plaats van deze helpen te overbruggen.

SDG4

Open vormen van onderwijs zoals Open Educational Resources (OER) en Massive Open Online Courses (MOOC’s) hebben de potentie bij te dragen aan de realisatie van doel 4 van de Duurzame Ontwikkelingsdoelstellingen (SDG4), dat stelt: ‘verzeker inclusieve en gelijkwaardige toegang tot kwaliteitsvol onderwijs en bevorder een leven lang leren voor iedereen’. Gelijkwaardig in deze context betekent dat ieder die moet of wil leren daarvoor de mogelijkheid krijgt, rekening houdend met zijn of haar omstandigheden en competenties.

Maar in hoeverre wordt die potentie ook daadwerkelijk gerealiseerd? Enkele ontwikkelingen in de wereld van open en online onderwijs geven aan dat waar het gaat om ‘inclusiviteit’ en ‘gelijkwaardigheid’ nog wel werk verzet moet worden.

MOOC

In (Patru & Balaji, 2016) observeren de onderzoekers dat de meeste deelnemers aan een MOOC al goed opgeleid zijn en vaak al toegang hebben tot een hoger onderwijssysteem. Toegang tot een MOOC vereist ook beschikbaarheid van een goede internetverbinding en beschikken over digitale vaardigheden. Meer en meer worden MOOC services niet meer gratis aangeboden, waardoor toegang tot een systeem voor hoger onderwijs, inclusief formele erkenning van behaalde resultaten, is voorbehouden aan diegenen die het kunnen betalen. Dit betekent dat bijdragen aan inclusiviteit door MOOC’s geen vanzelfsprekendheid is, maar extra inspanningen vereist. Een mooi voorbeeld van een dergelijke inspanning is Kiron Open Higher Education. Hier worden programma’s aangeboden, gebaseerd op MOOC’s, leidend tot erkenning van behaalde resultaten in formeel onderwijs, gericht op vluchtelingen.

OER en TVET

In het najaar van 2017 hebben Ben Janssen en ik, in opdracht van Unesco, een onderzoek uitgevoerd naar de adoptie van OER in de sector Technical and Vocational Education and Training (TVET) (Schuwer & Janssen, 2018). Deze sector omvat zowel formeel onderwijs (in Nederland (V)MBO en HBO), als non-formeel en informeel leren, veelal on the job en gericht op verwerven van vaardigheden. Met name in het Mondiale Zuiden wordt erkend dat TVET essentieel is voor het verhogen van de levensstandaard van de mensen daar. Uit ons onderzoek bleek dat breed erkend wordt dat OER de toegankelijkheid en kwaliteit van TVET enorm kan verbeteren. Echter, nationaal en institutioneel beleid  en activiteiten om OER ingevoerd te krijgen in TVET ontbreekt in veel landen. Of, zoals het in (Latchem, 2017) geformuleerd staat: “The rhetoric about the far reaching changes that can result from the incorporation of OER in TVET teaching and learning has yet to be matched by the reality” (p. 221).

Nauwelijks onderzoek

Onze studie leerde ook dat er nog nauwelijks onderzoek gedaan wordt naar adoptie van OER in TVET. Het overgrote deel van de onderzoeken over OER en andere vormen van open onderwijs richten zich op hoger onderwijs. In de rijke landen heeft echter slechts 14,6% van de bevolking tussen 15-64 jaar hoger onderwijs genoten. In de rest van de wereld is dat zelfs nog minder: 9,8% (World Bank, 2018). Het grootste deel van de wereldbevolking zal dus niet of nauwelijks de voordelen van deze onderzoeksresultaten ervaren.

Kloof

Aandacht voor inclusiviteit en gelijkwaardigheid is momenteel een trend in de ‘open onderwijs’-wereld. De focus ligt daarbij met name op niet-Westerse culturen en vrouwen, maar wel steeds in de context van hoger onderwijs. Ons onderzoek leert dat specifieke aandacht voor OER in TVET zeer hard nodig is. Het gevaar bestaat anders dat OER eerder bijdraagt aan het vergroten van de kloof tussen de ‘haves’ en ‘have-nots’ dan deze kloof te overbruggen. En daarmee zou OER juist niet bijdragen aan realisatie van SDG 4.

Dr. ir. Robert Schuwer is Unesco Chair on Open Educational Resources and Their Adoption by Teachers, Learners and Institution aan Fontys Hogescholen.

 

Referenties

  • Latchem, C. (2017). Using ICTs and Blended Learning in Transforming TVET. UNESCO and Commonwealth of Learning, Paris, France and Burnaby, Canada
  • Patru M. & Venkataraman B. (2016). Making Sense of MOOCs. A Guide for Policy-Makers in Developing Countries. UNESCO and Commonwealth of Learning, Paris, Burnaby
  • Schuwer, R. & Janssen, B. (2018). Technical Vocational Education and Training: the ‘dark continent’ in OER. In: Schuwer, R. & Van Valkenburg, W. (eds): Proceedings Open Education Global Conference 2018, 24-26 April 2018, Delft University of Technology. http://resolver.tudelft.nl/uuid:9c018fa0-7e8e-4d1a-8a8e-3fbdf6ef4318
  • World Bank (2018). World Development Report 2018: Learning to Realize Education’s Promise. Washington, DC: World Bank. DOI:10.1596/978-1-4648-1096-1

In september 2015 spraken de lidstaten van de VN af om samen te werken in het bereiken van de Sustainable Development Goals (SDG's). Doel vier daarvan luidt "to ensure inclusive and equitable quality education and promote lifelong learning opportunities for all"
UNESCO is de uitvoerder van dit onderwerp, publiceerde het Framework for Action, en publiceert de resultaten in het jaarlijkse Global Education Monitoring Report. 

De Nationale UNESCO Commissie organiseert de jaarlijkse Nederlandse lancering van het Global Education Monitoring Report en volgt de ontwikkelingen rond SDG4 op de voet.  

More articles