Wetenschapsacademies willen ‘Open Science’

Op 12 april hebben de presidenten van de Europese Academies van Wetenschappen, verenigd in ALLEA, de verklaring ‘Open Science in the 21st Century’ ondertekend. Op de bijeenkomst in Rome waren onder meer Neelie Kroes, eurocommissaris voor de Digitale Agenda, de Italiaanse ministers van Onderwijs en Europese Zaken en Jānis Kārkliņš, assistent Directeur-Generaal voor Communicatie & Informatie van UNESCO, aanwezig.

V.l.n.r. Prof Lamberto Maffei (Accademia Nazionale dei Lincei), Neelie Kroes, vicevoorzitter van de Europese Commissie en de Italiaanse minister van Europese Zaken, Enzo Moavero Milanesi.

In de verklaring stellen de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW) en zusterorganisaties uit 37 Europese landen dat wetenschapsfinanciers zoals de Europese Commissie hun programma’s moeten inrichten om duurzame toegang tot wetenschappelijke data mogelijk te maken. Onderzoekers en studenten worden opgeroepen om een ‘open wetenschapscultuur’ te omarmen en publicaties en databestanden, maar ook software, onderwijsmateriaal en onderzoeksinfrastructuur te delen. Om dit mogelijk te maken dient een wereldwijde infrastructuur in het leven geroepen te worden, die het uitwisselen van data en bewaring voor de  langere termijn mogelijk maakt.

Het is belangrijk om wetenschappelijke data optimaal te delen. Niet alleen omdat de resultaten controleerbaar en herhaalbaar moeten zijn, maar ook omdat datasets in andere onderzoeken kunnen worden hergebruikt. Onderzoekssubsidies kunnen op die manier rendabeler worden. Daarnaast is ook buiten de academische wereld grote interesse voor wetenschappelijk resultaten: de opgedane kennis kan immers dienen als bron van nieuwe producten en dus als bron voor economische groei en werkgelegenheid.

Kroes onderkende in haar toespraak dat niet alle wetenschappelijke gegevens deelbaar te maken zijn. Zo kunnen er privacy-problemen ontstaan als er gebruik wordt gemaakt van persoonlijke gegevens of de data is het resultaat van private investeringen die beschermd moeten worden. Toch zijn dat volgens Kroes uitzonderingen en niet de regel. “Er is geen reden waarom abonnement-gebaseerde modellen dominant zouden moeten blijven in een tijdperk waar distributiekosten naar nul neigen.” Kroes riep op om te investeren in middelen die samenwerking verder kunnen verbeteren. “Let’s tear down the walls that keep learning sealed off. And let’s make science open.” 

Betrokkenheid UNESCO

UNESCO is betrokken bij de declaratie, omdat het idee ervoor ontstond na de expert meeting ‘A Global View on Open Access’ die de Nederlandse Nationale UNESCO Commissie organiseerde in januari 2011. In de herfst van 2011 nam UNESCO zelf een ambitieuze Open Access strategie aan die  zij op dit moment implementeert. De declaratie van ALLEA bevat verschillende elementen die voor UNESCO belangrijk zijn: de mondiale dimensie ervan, het delen van wetenschappelijke informatie als realisatie van artikel 27 van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens, en het belang van langetermijn opslag zoals dat is uitgelegd in UNESCO’s Charter on the Preservation of the Digital Heritage uit 2003.

Moderne informatie- en communicatietechnologieën hebben het uitwisselen van kennis eenvoudiger gemaakt dan vroeger. Maar geldt dat ook voor wetenschappelijke kennis? Hoe worden publicaties en data beschikbaar gesteld en voor wie zijn zij toegankelijk? En hoe kunnen we de duurzame toegang tot publicaties en data (op papier én digitaal) waarborgen? 

Uitkomsten

De Nationale UNESCO Commissie heeft meegeschreven aan de Open Access strategie die op de Algemene Conferentie in 2011 is aangenomen. Daarnaast neemt de Commissie actief deel aan conferenties over het onderwerp, of stelt experts in de gelegenheid daaraan deel te nemen.

Meer berichten