“Wereld te winnen met Open Educational Resources”

Een gesprek met professor Fred Mulder over zijn bezigheden en uitdagingen op het gebied van OER, de link met UNESCO, en de rol van Nederland in de OER-beweging. Mulder is houder van de onlangs ingestelde UNESCO-chair in Open Educational Resources aan de Open Universiteit (OU).

Hoe kwam deze leerstoel tot stand?

“Bij mijn terugtreden als rector magnificus in december 2010 heeft de OU besloten een strategische leerstoel in te stellen voor OER. UNESCO gaf haar erkenning aan de leerstoel, omdat universele toegang tot kwalitatief goed onderwijs de sleutel is voor duurzame sociale en economische ontwikkeling, interculturele dialoog en de opbouw van vreedzame samenlevingen”.

Waarom bekleedt u deze leerstoel?

“Ik maak al jaren deel uit van de internationale OER-beweging en heb tijdens mijn rectoraat diverse activiteiten op dit gebied geïnitieerd en geleid. Dat doe ik nog steeds. Met het OpenER-project was de OU in 2006 de eerste universiteit in ons land met OER. Dat trok maar liefst een miljoen unieke bezoekers. Vanaf 2009 geven wij samen met Kennisnet leiding aan het nationale OER-programma van het ministerie van OCW onder de naam Wikiwijs, dat OER leidend wil laten worden in alle onderwijssectoren. Verder heb ik internationaal twee Task Forces over OER geleid, één van de International Council for Open and Distance Education (ICDE) en één van de European Association of Distance Teaching Universities (EADTU).”

Wat is de link tussen de OU en UNESCO?

“Allereerst moet ik zeggen dat de OU al eerder een UNESCO-chair heeft kunnen vestigen: collega [en lid van de Nationale UNESCO Commissie] prof. Rietje van Dam bekleedt de leerstoel Knowledge Transfer for Sustainable Development supported by ICT.

Maar specifiek op het gebied van OER was het eerste contact met UNESCO de kick-off van de ICDE OER Task Force op het UNESCO Hoofdkwartier in Parijs, in 2006. En ik heb het voorrecht gehad om in de slotsessie van de UNESCO World Conference on Higher Education (juli 2009) de Maastricht Message te mogen presenteren van de vlak daarvoor gehouden ICDE/EADTU Conferentie.”

De leerstoel kent een wereldwijd netwerk van OU’s. Hoe ziet dat er uit?

“Al bij de aanvraag hebben we contact gezocht met OU´s in Afrika, Azië, Noord- en Zuid-Amerika en Europa. Eén van die partners is de Canadese OU, Athabasca University, waar de tweede UNESCO OER leerstoel is gevestigd. Daarnaast zijn ook de EADTU en de ICDE en nog een aantal andere internationale koepelorganisaties partner in ons netwerk.”

Welke rol speelt Nederland momenteel in de OER- beweging?

“Nederland zit in de OER-voorhoede. Dat is vooral dankzij het Wikiwijs-programma, dat elders nog geen equivalent kent. Ook India loopt voorop. Daar zijn in 2007 nationaal al vergaande OER-aanbevelingen gedaan. En sinds kort doen de VS ook opmerkelijk mee, dankzij de aankondiging van de Obama-regering om de komende vier jaar 2 miljard dollar te investeren in modernisering van de community colleges. Daarbij wordt aan de te ontwikkelen leermaterialen de eis van OER opgelegd.”

Waaraan werkt u momenteel?

“In nauwe samenwerking met de ‘ondersteuner’ van de leerstoel, senior beleidsmedewerker internationalisering Jos Rikers, richt ik me vooral op het starten van een OER-kernteam op de OU, het verkennen van OER-aanknopingspunten bij andere onderzoekslijnen van de OU, en de communicatie met onze internationale netwerkpartners. Verder zijn we onze eerste netwerkbijeenkomst aan het voorbereiden. Die vindt in juni plaats in New York.  Daar zal ook het netwerk van de Canadese unesco OER leerstoel in participeren. Ik werk ook mee aan het ontwikkelen van een OER ‘knowledge cloud’ (een soort cursus over OER). En ik draai mee in een OU-studie naar OER-businessmodellen.

Kortom, genoeg te doen. Maar wat is voor u de grootste uitdaging?

“De grootste uitdaging zie ik toch in het door collectieve inspanning tot volle wasdom laten komen van OER in allerlei landen. Maar met name in ontwikkelingslanden, omdat daar de relevantie van OER enorm is. Met zo’n groot gebrek aan goede leermaterialen en zo'n schrijnend tekort aan studieplaatsen én aan gekwalificeerde docenten en onderzoekers is er een wereld te winnen.”

 

Open Educational Resources (OER) zijn leermaterialen die vrij en open beschikbaar zijn op internet. Iedereen kan ze gebruiken en iedereen kan er aan bijdragen, door ze te beoordelen, van commentaar te voorzien of aanpassingen of aanvullingen te maken. UNESCO ziet OER als een goede manier om de toegang tot onderwijs te vergroten en de kwaliteit van leermiddelen te verbeteren. OER kunnen daardoor een belangrijke bijdrage leveren aan de millenniumdoelstelling Education for All.

Meer berichten