Wat moeten leerlingen eigenlijk leren op school?

Jan van den Akker, directeur van het Nationaal Expertisecentrum Leerplanontwikkeling (SLO) en lid van de Nationale UNESCO Commissie, schrijft over de kwaliteit van het onderwijsaanbod.

Begin februari was ik op een UNESCO-bijeenkomst in Brussel over het vervolg van de Education-for-All-agenda vanaf 2015. Na alle inspanningen van de afgelopen vijftien jaar om zo veel mogelijk kinderen op deze wereld toegang tot het basisonderwijs te bieden, luidde de conclusie dat er sprake is van unfinished business. Vooral in Afrika blijven nog steeds veel leerlingen (vooral meisjes in rurale gebieden) van onderwijs verstoken. Er valt dus nog het nodige te winnen. Boeiend aan de discussie vond ik dat die niet alleen ging over streefgetallen (op de zeer lange termijn). Vooral de kwaliteit van het onderwijsaanbod stond in de belangstelling: wat zouden alle leerlingen vooral moeten leren, en slaagt het onderwijs daar ook in?

Zo’n wereldwijde agenda formuleren is een forse uitdaging: wat verklaar je tot gemeenschappelijk doel en waar laat je ruimte voor contextgebonden keuzes? Sommige sprekers beklemtoonden het principe van ‘universaliteit’: de leerdoelen zo breed mogelijk van toepassing laten zijn, want we leven immers in een geglobaliseerde samenleving. Zo makkelijk ligt dat niet. Na taal en rekenen (wereldwijd gezien als noodzakelijke basis voor verder leren en ontwikkeling) lopen de meningen over prioriteiten al snel uiteen. Burgerschapsvorming, science of beroepsvaardigheden? Of zou het toch vooral moeten draaien om de 21st century skills?

Een van de 21st Century Skills is ICT-geletterdheid.

Wereldwijde consensus over zulke fundamentele kwesties valt moeilijk te realiseren. Maar het debat is nuttig, want het helpt landen bewuster hun eigen keuzes te maken. Ook in eigen land beraden we ons meer dan voorheen op de vraag wat leerlingen in het funderend onderwijs zouden moeten leren. Met het oog op de toekomst van hun leerloopbaan, van hun persoonlijke ontwikkeling en van de samenleving. Het recente WRR-rapport Naar een lerende economie reikt daartoe boeiende vergezichten aan. En ook het Nationale onderwijsakkoord roept op tot een herijking van het curriculum: systematisch in kaart brengen van het huidige onderwijsaanbod en analyseren waar verbeteringen wenselijk zijn.

Zulke uitdagingen doen mijn curriculumhart sneller kloppen. Na al die lange, mopperige discussies over vormkwesties in het onderwijs, richten we de discussie weer op de kernvraag van leren en onderwijzen: wat is het meest van waarde om te leren? Ik hoop op goed gestructureerde, levendige debatten met vele deelnemers.

Jan van den Akker

Dit artikel verscheen eerder als voorwoord in het maart-nummer van het blad Didactief.

In september 2015 spraken de lidstaten van de VN af om samen te werken in het bereiken van de Sustainable Development Goals (SDG's). Doel vier daarvan luidt "to ensure inclusive and equitable quality education and promote lifelong learning opportunities for all"
UNESCO is de uitvoerder van dit onderwerp, publiceerde het Framework for Action, en publiceert de resultaten in het jaarlijkse Global Education Monitoring Report. 

De Nationale UNESCO Commissie organiseert de jaarlijkse Nederlandse lancering van het Global Education Monitoring Report en volgt de ontwikkelingen rond SDG4 op de voet.  

Meer berichten