Tefaf en Erfgoedinspectie tegen illegale handel in kunstvoorwerpen

VERSLAG - Unesco Commissielid Charlotte Huygens bezocht de Tefaf en doet verslag van een op deze kunstbeurs georganiseerde bijeenkomst over het tegengaan van illegale of ongewenste praktijken op de kunstmarkt. 

Zondag 18 maart sloot de 31ste editie van de Tefaf, The European Fine Art Fair. De beurs is allang niet meer alleen Europees gericht, maar trekt de top van kunstkopers en liefhebbers uit de hele wereld. Alleen al de wolkenzeeën aan bloemen dit jaar, met rozen en lathyrus in tere voorjaarskleuren, waren het bezoek al waard!

Topkunst

De handelaren waren tevreden: voor miljoenen aan kunstwerken verkocht. Er viel dan ook weer spectaculair veel moois te zien: twee Van Goghs, ontroerende Chagalls, fraaie designmeubels, flonkerende sieraden, een grandioos heuvellandschap van Hercules Segers… Moest je bij diens recente overzichtstentoonstelling in het Rijksmuseum op afstand genieten, hier kon je iedere penseelstreek met je neus erop bekijken. Een unieke vroeg-Byzantijnse zilveren schaal was te bewonderen evenals maar liefst vijf (!) zeldzame ivoren kistjes in de 13de eeuwse islamitische hoftradities van Sicilië. Een vergelijkbaar bijzonder exemplaar in het Gemeentemuseum Den Haag mag uitsluitend met handschoentjes worden opgepakt, hier werden ze blijmoedig met blote handen uit de vitrines getild om van onder tot boven te kunnen bekijken.

Tegengaan illegale praktijken

Bijzonder dit jaar was een speciale bijeenkomst die de Erfgoedinspectie van het Ministerie van OCW organiseerde om met de kunsthandel in gesprek te gaan over het tegengaan van illegale of ongewenste praktijken op de kunstmarkt en de optimalisering van zorgvuldige handel: Open Dialogue between experts and Tefaf Maastricht 2018 exhibitors ‘Transparancy and Information’. De bijeenkomst vond plaats tijdens de vetting, de strenge keuring die voorafgaat aan de beurs en waarbij alle handelaren van de vloer af moeten zijn. Goed gekozen tijd dus.

Aftrap

De nieuwe voorzitter van de Tefaf, Nanne Dekking, deed de aftrap, prima gelegenheid om kennis te maken met zijn enthousiasme. Hij benadrukte de uniek strenge eisen die de Tefaf aan alle objecten stelt, maar dat was in die zin dus wel enigszins ‘preaching for the converted’. Pieter ter Keurs van het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden begon met de opmerking dat het Meisje met de parel van Vermeer voor hem extra betekenis heeft, omdat hij net als Vermeer uit Delft afkomstig is, terwijl Japanse en Amerikaanse toeristen van het Mauritshuis toch minder band hebben met dit werk. Enigszins ongemakkelijk in deze internationale omgeving, waar later commentaren kwamen als ‘misschien hadden die Amerikanen wel Delftse voorouders of kwamen die Japanners wel uit een aloude familie van parelvissers’, maar zijn verdere betoog om museale objecten meer te delen met hun zogenoemde source communities en de ervaringen die sommige Nederlandse musea hier al mee hebben, hoorden de deelnemers met belangstelling aan.

Erfgoedinspectie

Marja van Heese van de Erfgoedinspectie was zo empathisch om de wens om meer te willen weten over de herkomst van voorwerpen, in de vraagvorm te presenteren, waarmee de deur voor dialoog wijd open stond. Dat bleek na afloop bij de vragen en debat heel nuttig; er stond een handelaar in fotografie op, die emotioneel betoogde dat het in de praktijk onmogelijk was om altijd de herkomst van voorwerpen te achterhalen. Juist nu komen veel werken op de markt die gekocht zijn in de naoorlogse jaren, toen er contant betaald werd en weinig gedocumenteerd. Die hartenkreet kon op veel bijval in de zaal rekenen. Later dook het verhaal op dat een groot Nederlands museum – we noemen geen namen – een object geweigerd had dat de Erfgoedinspectie bij de douane in beslag had laten nemen. De conservator van het museum wilde het stuk dolgraag hebben, maar omdat de herkomstgegevens onbekend waren, gaf de museumdirectie geen toestemming – waarna het is vernietigd. Zacht gezegd kweekt de museumwereld zo weinig begrip.

Vertrouwelijkheid

De presentatie van jurist Rob Polak, voorzitter van de ethische commissie van de Nederlandse Museumvereniging, wees handelaren erop dat zij geen vertrouwelijkheid kunnen beloven over de gegevens van een aankoper, omdat bij het vermoeden van illegale praktijken, van rechtswege openheid van zaken geëist kan worden. Er onststond enig gemompel in de zaal dat zoiets op dit niveau in de kunstwereld gevoeglijk bekend is. Het overzicht van wetten en vooral veel gedragsregels werd niettemin heel instructief gevonden.

Unesco-verdragen

Edouard Planche, specialist musea en collecties van Unesco in Parijs, gaf een helder overzicht van de verdragen die cultureel erfgoed in oorlogstijd moeten beschermen en latere verbredingen hierop. Hij nodigde de aanwezigen uit vooral mee te denken over de aanstaande herziening van het Unesco-verdrag van 1970, dat in 2020 50 jaar bestaat en toegesneden moet worden op de actuele inzichten.

Database van verdwenen kunst

De laatste spreker was de in vakkringen gerenommeerde Julian Radcliffe, oprichter van het Art Loss Register, de grootste database ter wereld van verloren en gestolen kunst. Hij wees op het grote belang van zelfregulering in de kunsthandel, waarbij het succes van het Art Loss Register met duizenden betaalde hits per jaar een lichtend voorbeeld is. Tijdens de discussie opperde iemand de mogelijkheid om hierop ook objecten te plaatsen waarvan de herkomst niet op andere wijze is te achterhalen, zodat de handelaar na een bepaalde periode in elk geval zijn goede trouw heeft bewezen en zijn waren ‘vrij’ kan aanbieden.

Na afloop renden de handelaren terug de beursvloer op, om de resultaten van de keuring te vernemen. Spannend!