De verschillende Unesco-lijsten in het kort

UITLEG – Naar aanleiding van onjuistheden die recent in de media zijn verschenen over de verschillende erfgoedlijsten die Unesco hanteert, zetten we in dit artikel de verschillende lijsten en onderliggende programma's nog eens kort op een rij.

Unesco is de culturele organisatie van de Verenigde Naties en zet zich daarom in om erfgoed wereldwijd te beschermen. Daarvoor gebruikt Unesco verschillende instrumenten. Het bekendst is het Werelderfgoedverdrag met de daarbij behorende Werelderfgoedlijst. Daarnaast is er het Unesco-verdrag voor immaterieel erfgoed met een Internationale Representatieve Lijst. Een derde instrument is het ’Memory of the World’-programma met een register waarin documenten van wereldbelang worden opgenomen. Vaak worden deze verschillende lijsten door elkaar gebruikt, maar ze verschillen nogal van karakter. Hieronder volgt een korte uitleg van deze drie Unesco-programma’s.

Werelderfgoed

 

Werelderfgoed is de benaming voor cultureel of natuurlijk erfgoed dat uniek is en van universele waarde voor de mensheid. Op de Werelderfgoedlijst van Unesco kunnen alleen monumenten, steden of natuurgebieden worden ingeschreven. Een plek op de lijst levert geen geld op van Unesco. Het land dat een nominatie indient verplicht zich juist om zelf goed voor het erfgoed te zorgen en het te bewaren voor volgende generaties.  Nederland heeft het verdrag ondertekend in 1992. Op dit moment staan 1073 werelderfgoederen op de lijst (stand 2017). Het Koningrijk Der Nederlanden kent tien door Unesco erkende werelderfgoederen: Schokland en omgeving, de Stelling van Amsterdam, Molencomplex Kinderdijk-Elshout, het ir. D.F. Woudagemaal, Droogmakerij De Beemster, het Rietveld Schröderhuis, de Waddenzee, de Grachtengordel van Amsterdam, de Van Nellefabriek en de historische binnenstad van Willemstad in Curaçao.

Immaterieel erfgoed

 

Immaterieel erfgoed is ‘levend erfgoed’. Het omvat gewoonten, voorstellingen, rituelen, tradities, uitdrukkingen, bijzondere kennis of vaardigheden die gemeenschappen en groepen (en soms zelfs individuen) erkennen als een vorm van cultureel erfgoed en overdragen naar volgende generaties. Twee voorbeelden zijn de ‘Belgische biercultuur’ of ‘de Franse keuken’. Het totale aantal ingeschreven immateriële erfgoederen staat op 366 (stand 2017). Nederland heeft het verdrag pas ondertekend in 2012 en daarom nog geen inschrijvingen op de Internationale Representatieve Lijst. Minister Bussemaker (Onderwijs, Cultuur en Wetenschap) heeft inmiddels wel het Molenaarsambt genomineerd. Die nominatie zal Unesco in december 2017 beoordelen. Een belangrijk verschil met werelderfgoed is dat immaterieel erfgoed niet uniek of van wereldbetekenis hoeft te zijn. Doelstelling van de Internationale Lijst is het tonen van de enorme diversiteit aan immaterieel erfgoed in de wereld. Daarnaast hoeft een immaterieel erfgoed niet precies hetzelfde te blijven maar mag met de tijd nieuwe vormen aannemen.

Memory of the World

 

Met het ‘Memory of the World’-Programma (MoW) ondersteunt Unesco de lidstaten van de organisatie bij het behouden van hun documentair erfgoed. Het register verzamelt documenten – van kleitabletten tot digitale bestanden – van uitzonderlijke waarde en draagt zo bij aan meer begrip voor het belang van bibliotheken, archieven en andere bewaarinstellingen. Voorbeelden hiervan zijn: de dagboeken van Anne Frank, de oudste bewaard gebleven Koran, de originele filmnegatieven van The Wizard of Oz of de rechtbankverslagen van het Mandelaproces uit 1963. Nederland kent zestien inschrijvingen op het MoW-Register. De laatste vijf nominaties die in oktober 2017 zijn toegevoegd zijn de Westerborkfilm, het Amsterdams Notarieel Archief 1578-1915, de Filosofische nalatenschap van Ludwig Wittgenstein, het Archief van Aletta Jacobs en de Manuscripten van de Panji- Verhalen.