Ban-Ki Moon en Irina Bokova luiden noodklok over Syrisch erfgoed

In krachtige bewoordingen hebben Ban-Ki Moon, Secretaris Generaal van de Verenigde Naties, en Irina Bokova, Directeur-Generaal van UNESCO, de vernietiging van Syrisch erfgoed veroordeeld. Samen met een vertegenwoordiger van de Arabische Liga, Lakhdar Brahimi, lieten ze in een verklaring weten dat het Syrische erfgoed en in het bijzonder het Werelderfgoed veelal onomkeerbaar is beschadigd. Er is bewijs dat het erfgoed in het land doelwit is van moedwillige vernietiging.

In de verklaring roepen ze alle betrokken partijen op, om in lijn met resolutie 2139 van de Veiligheidsraad, direct te stoppen met de vernietiging van het erfgoed. Tevens worden de partijen opgeroepen om af te zien van het gebruik van erfgoedlocaties voor militaire doeleinden, zoals vastgelegd in het Haagse Verdrag en het internationale humanitaire recht.

Destructie in Syrië.

Het moedwillig beschadigen en vernietigen van cultureel erfgoed wordt gezien als een ernstige misdaad. De situatie in Syrië onderstreept de relevantie en noodzaak van het UNESCO Haags Verdrag en de twee bijhorende protocollen. Zestig jaar na het opstellen van dit verdrag blijken de internationale afspraken nog even actueel.

Illegale handel

In de verklaring roepen de VN-vertegenwoordigers ook op tot waakzaamheid als het gaat om de handel in culturele objecten en terughoudend te zijn bij de aankoop van artefacten uit het gebied. Deze kunnen mogelijk illegaal zijn uitgevoerd of onrechtmatig te koop worden aangeboden. Regels omtrent handel in gestolen objecten staan opgesteld in het UNESCO 1970 Verdrag en UNIDROIT.

Onschatbare waarde

Het erfgoed in Syrie is van onschatbare waarde voor de identiteit en de geschiedenis van het Syrische volk en van de hele mensheid. Het omvat overblijfselen van eeuwenoude beschavingen, waaronder gebouwen, monumenten en archeologische vindplaatsen uit de klassieke oudheid en (vroeg-)christelijke en islamitische perioden. De bescherming van cultureel erfgoed, zowel materieel als immaterieel, is onlosmakelijk verbonden met de bescherming van menselijk leven en moet volgens de VN-vertegenwoordigers een integraal onderdeel zijn van humanitaire en vredesopbouwinspanningen.