UNESCO's Anti-Doping Conventie
Document acties
Sportevenementen zoals de Olympische Spelen worden - helaas – vaak ontsierd door dopinggevallen. Doping is strijdig met de ethiek van zowel de sport als de medische wetenschap, zo staat te lezen aan het begin van de dopinglijst van het Internationaal Olympisch Comité (IOC). Om dit wereldwijde probleem aan te pakken, heeft UNESCO een Anti-Doping Conventie opgesteld.

Sportdoping is een mondiaal probleem (© unesco)
Hoewel de Winterspelen meestal relatief ‘schoon’ zijn, namen de organisatoren van de Spelen van 2010 in Vancouver maatregelen : in een state-of-the-art dopingcentrum werden stalen binnen 24 uur na afname getest. Nog voor de start van deze Spelen waren al honderden controles uitgevoerd, verklaarde het IOC.
unesco bestrijdt doping niet direct en is minder zichtbaar dan de World Anti-Doping Agency (WADA), de door het IOC opgerichte controle-instantie. Maar unesco biedt met haar Anti-Doping Conventie een mondiaal erkend kader in de strijd tegen doping. Het verdrag geeft een juridische basis om nationaal beleid te harmoniseren met internationale afspraken en principes over dopingbestrijding. De conventie roept overheden onder meer op om de beschikbaarheid van verboden middelen te beperken en geschorste sporters financiële steun te onthouden. Ook wordt gewezen op het belang van anti-dopingonderwijs, ook voor niet-sporters.
Het verdrag is in 2005 aangenomen en trad al in 2007 in werking. Dat is snel voor een internationale conventie en geeft aan hoeveel belang er internationaal aan wordt gehecht. Er zijn momenteel 131 lidstaten toegetreden. Daarmee is het een van de snelst groeiende VN-verdragen. Nederland is sinds 2006 partij van de conventie.
unesco heeft verder onder andere een fonds ingesteld in de strijd tegen doping. Lidstaten kunnen er aanspraak op maken voor bijvoorbeeld onderwijsprojecten of hulp bij het maken van wet- en regelgeving. Kijk voor meer informatie over de strijd tegen doping op de website van unesco.











